<janfebruari 2005mrt>
madiwodovrzazo
 
01
02
03
04
05
06
07
08
09
10
11
12
13
14
15
16
17
18
19
20
21
22
23
24
25
26
27
28
      
Publicatie (pdf) van
maandag 7 februari 2005
Printversie.
MINISTERIE VAN DE VLAAMSE GEMEENSCHAP
11 JANUARI 2005
Huishoudelijk reglement van de Raad voor examenbetwistingen/de Raad voor betwistingen inzake studievoortgangsbeslissingen
Departement Onderwijs, Onderzoek en Vorming

De Raad,
Gelet op het decreet van 19 maart 2004 betreffende de rechtspositieregeling van de student, de participatie in het hoger onderwijs, de integratie van bepaalde afdelingen van het hoger onderwijs voor sociale promotie in de hogescholen en de begeleiding van de herstructurering van het hoger onderwijs in Vlaanderen, inzonderheid op de artikelen II. 15 tot en met II. 43;
Gelet op het decreet van 30 april 2004 betreffende de flexibilisering van het hoger onderwijs in Vlaanderen en houdende dringende hogeronderwijsmaaltregelen;
Gelet op het besluit van de Vlaamse Regering van 4 juni 2004 houdende benoeming van de leden van de Raad voor examenbetwistingen bevoegd voor het hoger onderwijs;
Gelet op het besluit van de Vlaamse Regering van 4 juni 2004 inzake sommige werkingsregelen betreffende de Raad voor examenbetwistingen bevoegd voor het hoger onderwijs;
Gelet op het besluit van de secretaris-generaal van 2 juli 2004 houdende aanwijzing van de secretaris van de Raad voor examenbetwistingen bevoegd voor het hoger onderwijs,
Besluit :
HOOFSTUK I. - Samenstelling en praktische organisatie van de Raad
Artikel 1. De Raad voor examenbetwistingen/de Raad voor betwistingen inzake studievoortgangbeslissingen verder de Raad genoemd, wordt opgericht bij het ministerie van de Vlaamse Gemeenschap.
Zijn zetel is gevestigd in het Hendrik Consciencegebouw, Koning Albert II-laan 15, te 1210 Brussel.
Het secretariaat zorgt voor een vast lokaal in dit gebouw voor de zittingen en beraadslagingen van de Raad. De voorzitter kan nochtans om praktische redenen beslissen de beraadslagingen en zittingen op een andere plaats te laten doorgaan.
Art. 2. Elk werkend bijzitter kan vervangen worden door elk van de plaatsvervangende bijzitters.
Art. 3. De Raad kan slechts geldig zetelen en beraadslagen als de voorzitter of de plaatsvervangende voorzitter en twee werkende of plaatsvervangende bijzitters aanwezig zijn.
Bij iedere zitting en beraadslaging tekenen de aanwezigen een presentielijst.
HOOFDSTUK II. - Samenstelling en praktische organisatie van het secretariaat
Art. 4. Het secretariaat van de Raad wordt waargenomen door personeelsleden van de administratie hoger onderwijs en wetenschappelijk onderzoek en is gevestigd in het Hendrik Consciencegebouw, 7A, Koning Albert II-laan 15, 1210 Brussel. Dit adres geldt tevens als correspondentieadres voor de Raad.
Het secretariaat staat in voor de praktische en administratieve ondersteuning van de Raad. Het secretariaat draagt onder gezag van de voorzitter of de plaatsvervangend voorzitter zorg voor de correspondentie.
HOOFSTUK III. - Procedureverloop
Art. 5. De student dient een verzoekschrift in binnen een vervaltermijn van vijf kalenderdagen die ingaat de dag na die van de kennisname van de beslissing van de interne beroepsprocedure, of na het verlopen van de termijn van 15 dagen na het instellen van het interne beroep. De poststempel geldt als datum van het beroep Indien de laatste dag van deze termijn een zaterdag, zondag of wettelijke feestdag is, wordt de termijn verlengd tot de eerstvolgende werkdag waarop de postdiensten open zijn.
Het verzoekschrift vermeldt minimale de naam, de woonplaats of de woonstkeuze en in voorkomend geval het e-mailadres en/of het faxnummer van de verzoeker (of raadsman), de naam en zetel van het bestuur en het voortwerp van beroep met een feitelijke omschrijving van de ingeroepen bezwaren.
De verzoeker kan overtluigingsstukken toegvoegen indien hij dat nodig acht. Hij maakt een inventaris op van de stukken en voegt de inventaris toe aan zij verzoekschrift.
Het verzoekschrift wordt gedagtekend en ondertekend door de verzoeker of zijn raadsman bezorgd aan de Raad bij aangetekend schrijven.
Hij secretariaat stuurt een ontvangstmelding aan de verzoeker en een kopie van het verzoekschrift aan het bestuur. Een kopie van het verzoekschrift wordt ook aan de leden van de Raad gezonden.
Art. 6. Het bestuur geeft aan wie de contactpersonen zijn.
Het secretariaat wordt, onder gezag van de voorzitter belast met de samenstelling van het dossier met alle ontvangen stukken en deelt de partijen mee waar het dossier kan worden geraadpleegd. Het secretariaat zorgt voor een vast lokaal voor de inzage van de dossiers.
Art. 7. Het secretariaat bezorgt de partijen :
-de procedurekalender met de termijnen waarbinnen de antwoordnota en wederantwoordnota door de partijen moet worden ingediend bij de Raad en te tegenpartij;
- de datum, het uur en de plaats van de zitting van de Raad. Het secretariaat zorgt voor een lokaal voor de zittingen van de Raad;
-de samenstelling van de Raad.
Elk werkend of plaatsvervangend lid brengt onverwijld het secretariaat op de hoogte indien hij wettelijk verhinderd is of niet aanwezig kan zijn op de zitting in voorkomend geval roept het secretariaat een plaatsvervanger op.
Art. 8. Behoudens dringende noodzaak worden de uitnodigingen in de nodige documentatie voor de zitting uiterlijk vijf werkdagen vóór de zitting naar alle leden van de Raad gestuurd.
Art. 9. De pleidooien per partij worden in principe beperkt tot 15 minuten.
Art. 10. Na het sluiten van de debatten volgt de beraadslaging achter gesloten deuren.
Art. 11. Na beraadslaging beslist de Raad, in voorkomend geval na stemming.
Art. 12. De secretaris stelt per zaak een proces-verbaal op.
Dit proces-verbaal vermeldt de datum, het aanvangs- en einduur van de behandeling van de zaak, de verrichte proceshandelingen, de namen van de partijen en hun raadsman en hun aan- of afwezigheid, alsook de samenstelling van de Raad en de naam van de secretaris.
De voorzitter en de secretaris ondertekenen het proces-verbaal.
Art. 13. In geval getuigen worden gehoord, wordt van het getuigenverhoor een proces-verbaal opgesteld door de secretaris. Het proces-verbaal wordt ondertekend door de getuige(n), de voorzitter en de secretaris.
Art. 14. De taal van de procedure is het Nederlands.
HOOFDSTUK IV. - Woordvoerder
Art. 15. De voorzitter is woordvoerder van de Raad. Hij kan deze opdracht delegeren aan een ander lid van de Raad of aan de secretaris.
Goedgekeurd door de Raad op 11 januari 2005, te Brussel.
Marc BOES, Jean DUJARDIN,voorzitter. plaatsvervangend voorzitter.
Luc VAN DE VELDE, Jacqueline HELLEMANS,bijzitter. bijzitter.
Christiane VANVINCKENROYE, Jean LAENENS,plaatsvervangend bijzitter. plaatsvervangend bijzitter.
Karla VAN LINT, Els BARB|fE,secretaris. secretaris.


begin (#top) Publicatie : 2005-02-07