<janfebruari 2005mrt>
madiwodovrzazo
 
01
02
03
04
05
06
07
08
09
10
11
12
13
14
15
16
17
18
19
20
21
22
23
24
25
26
27
28
      
Publicatie (pdf) van
woensdag 16 februari 2005
Printversie.
MINISTERIE VAN DE VLAAMSE GEMEENSCHAP
7 FEBRUARI 2005
Ministerieel besluit houdende de vastlegging van de bevolkingsprojecties voor de toepassing van de programmacijfers voor de welzijnsvoorzieningen in de thuiszorg
De Vlaamse minister van Welzijn, Volksgezondheid en Gezin,
Gelet op het decreet van 14 juli 1998 houdende de erkenning en de subsidiėring van verenigingen en welzijnsvoorzieningen in de thuiszorg, inzonderheid op artikel 24, § 2;
Gelet op het besluit van de Vlaamse Regering van 18 december 1998 houdende de erkenning en de subsidiėring van verenigingen en welzijnsvoorzieningen in de thuiszorg, inzonderheid op artikelen 2 en 4 tot en met 10 en afdelingen 1 tot en met 3 van bijlage IV, gewijzigd bij besluiten van de Vlaamse Regering van 30 maart 1999, 8 juni 1999, 17 december 1999, 5 mei 2000, 10 november 2000, 30 maart 2001, 10 juli 2001, 30 november 2001, 14 december 2001, 1 februari 2002, 15 maart 2002, 5 juli 2002, 6 december 2002, 17 januari 2003, 28 november 2003 en 5 december 2003, 30 april 2004 en 4 juni 2004;
Gelet op het besluit van de Vlaamse Regering van 27 juli 2004 tot bepaling van de bevoegdheden van de leden van de Vlaamse Regering, gewijzigd op 15 oktober 2004;
Overwegende dat bij ministerieel besluit van 25 februari 2003 houdende de vastlegging van bevolkingsprojecties voor de toepassing van de programmacijfers voor de welzijnvoorzieningen in de thuiszorg, de bevolkingsprojecties voor de afzonderlijke kalenderjaren 2008 en 2009 werden vastgelegd voor de bepaling van de programmacijfers voor de jaren 2003 en 2004;
Overwegende dat de Vlaamse minister, bevoegd voor de bijstand aan personen, de bevolkingsprojectie voor het hieropvolgende jaar dient vast te leggen zodat de programmacijfers voor het jaar 2005 kunnen worden bepaald;
Overwegende dat artikel 2, laatste lid, van de bijlagen I tot en met VI bij het besluit van de Vlaamse Regering van 18 december 1998, voornoemd, bepaalt aan welke voorwaarden de resultaten van de bevolkingsprojectie ten minste moeten voldoen;
Overwegende dat de resultaten van de MIRA-S-2000-projectie van de Vlaamse Milieumaatschappij, opgesteld voor het afzonderlijke kalenderjaar 2010, specifiek berekend zijn voor het Nederlandse taalgebied en regionaal tot op het niveau van de gemeenten binnen het Nederlandse taalgebied, gedifferentieerd zijn en opgesteld zijn volgens de van toepassing zijnde leeftijdsgroepen;
Overwegende dat wat het Nederlandse taalgebied betreft deze derhalve voldoen aan de bepalingen vervat in artikel 2, laatste lid, van de bijlagen I tot en met VI bij het besluit van de Vlaamse Regering van 18 december 1998, voornoemd;
Overwegende dat de resultaten van de bevolkingsprojectie vervat in « Bevolkingsvooruitzichten 2000-2050 » van het Nationaal Instituut voor de Statistiek en het Federaal Planbureau, opgesteld voor het afzonderlijke kalenderjaar 2010, specifiek berekend zijn voor het tweetalig gebied Brussel-Hoofdstad en opgesteld zijn volgens de van toepassing zijnde leeftijdsgroepen;
Overwegende dat wat het tweetalig gebied Brussel-Hoofdstad betreft, deze derhalve voldoen aan de bepalingen vervat in artikel 2, laatste lid, van het besluit van de Vlaamse Regering van 18 december 1998, voornoemd,
Besluit :
Artikel 1. Voor het Nederlandse taalgebied worden de resultaten van de bevolkingsprojectie voor het afzonderlijke kalenderjaar 2010, zoals vervat in de MIRA-S-2000-projecties van de Vlaamse Milieumaatschappij, vastgelegd voor de toepassing van de programmacijfers bedoeld in :
1° artikel 2 van bijlage II, gevoegd bij het besluit van de Vlaamse Regering van 18 december 1998, voornoemd, voor de lokale dienstencentra;
2° artikel 2 van bijlage III, gevoegd bij hetzelfde besluit, voor de regionale dienstencentra;
3° artikel 2 van bijlage IV, gevoegd bij hetzelfde besluit, voor de dagverzorgingscentra;
4° artikel 2 van bijlage V, gevoegd bij hetzelfde besluit, voor de centra voor kortverblijf;
5° artikel 3 van bijlage VI, gevoegd bij hetzelfde besluit, voor de diensten voor oppashulp.
Art. 2. Voor het tweetalig gebied Brussel-Hoofdstad wordt 30 % van de resultaten van de bevolkingsprojectie voor het afzonderlijke kalenderjaar 2010, zoals vervat in « Bevolkingsvooruitzichten 2000-2050 » van het Nationaal Instituut voor de Statistiek en het Federaal Planbureau vastgelegd voor de toepassing van de programmacijfers zoals bedoeld in artikel 1 van dit besluit.
Art. 3. Dit besluit heeft uitwerking met ingang van 1 januari 2005.
Brussel, 7 februari 2005.
De Vlaamse minister van Welzijn, Volksgezondheid en Gezin,
I. VERVOTTE


begin (#top) Publicatie : 2005-02-16