<febmaart 2005apr>
madiwodovrzazo
 
01
02
03
04
05
06
07
08
09
10
11
12
13
14
15
16
17
18
19
20
21
22
23
24
25
26
27
28
29
30
31
   
Publicatie (pdf) van
dinsdag 1 maart 2005
Printversie.
FEDERALE OVERHEIDSDIENST WERKGELEGENHEID, ARBEID EN SOCIAAL OVERLEG
14 FEBRUARI 2005
Koninklijk besluit tot vaststelling van het aantal leden van Paritaire Subcomités voor de socio-culturele sector (1)
ALBERT II, Koning der Belgen,
Aan allen die nu zijn en hierna wezen zullen, Onze Groet.
Gelet op de wet van 5 december 1968 betreffende de collectieve arbeidsovereenkomsten en de paritaire comités, inzonderheid op artikel 41;
Gelet op het koninklijk besluit van 21 september 2004 tot oprichting van paritaire subcomités voor de socio-culturele sector en tot vaststelling van hun benaming en hun bevoegdheid;
Op de voordracht van Onze Minister van Werk,
Hebben Wij besloten en besluiten Wij :
Artikel 1. Het Paritair Subcomité voor de socio-culturele sector van de Vlaamse Gemeenschap bestaat uit veertien gewone en veertien plaatsvervangende leden.
Art. 2. Het Paritair Subcomité voor de socio-culturele sector van de Franstalige en Duitstalige Gemeenschap en het Waalse Gewest bestaat uit veertien gewone en veertien plaatsvervangende leden.
Art. 3. Het Paritair Subcomité voor de federale en bicommunautaire socio-culturele organisaties bestaat uit tien gewone en tien plaatsvervangende leden.
Art. 4. Onze Minister van Werk is belast met de uitvoering van dit besluit.
Gegeven te Brussel, 14 februari 2005.
ALBERT
Van Koningswege :
De Minister van Werk,
Mevr. F. VAN DEN BOSSCHE
_______
Nota's
(1) Verwijzingen naar het Belgisch Staatsblad :
Wet van 5 december 1968, Belgisch Staatsblad van 15 januari 1969.
Koninklijk besluit van 21 september 2004, Belgisch Staatsblad van 30 september 2004.


begin (#top) Publicatie : 2005-03-01