<aprmei 2009jun>
madiwodovrzazo
    
01
02
03
04
05
06
07
08
09
10
11
12
13
14
15
16
17
18
19
20
21
22
23
24
25
26
27
28
29
30
31
Publicatie (pdf) van
vrijdag 15 mei 2009
Printversie.
MINISTERIE VAN HET BRUSSELS HOOFDSTEDELIJK GEWEST
25 MEI 2000
Besluit van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering tot wijziging van het besluit van de Regering van 22 december 1994 tot oprichting van de Gewestelijke Commissie voor de nieuwe gemeentelijke comptabiliteit, gewijzigd door het besluit van de Regering van 27 februari 1997
De Brusselse Hoofdstedelijke Regering,
Gelet op het besluit van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering van 22 december 1994 tot oprichting van de Gewestelijke Commissie voor de Nieuwe Gemeentelijke Comptabiliteit, gewijzigd door het besluit van de Regering van 27 februari 1997;
Overwegende dat het noodzakelijk is de samenstelling van de commissie te verruimen teneinde de optimale werking ervan te waarborgen;
Op de voordracht van de Minister-Voorzitter van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering, bevoegd voor Plaatselijke Besturen, Ruimtelijke Ordening, Monumenten en Landschappen, Stadsvernieuwing en Wetenschappelijk Onderzoek,
Besluit :
Artikel 1. Artikel 4 van het besluit van 22 december 1994, gewijzigd door het besluit van 27 februari 1997, wordt vervangen door de volgende bepaling :
« Artikel 4. De Commissie is samengesteld uit achttien leden. De leden worden op de hierna volgende wijze benoemd door de Minister bevoegd voor het toezicht op de Plaatselijke Besturen :
1° zes leden worden aangesteld als deskundigen;
2° zes leden worden aangesteld onder de personeelsleden van het Bestuur Plaatselijke Besturen en van de Gewestelijke Inspectie waaronder de Secretaris van de Commissie;
3° zes leden worden aangesteld op voorstel van de Gemeenten.
De Voorzitter en de Ondervoorzitter zijn van een verschillende taalrol.
De mandaten worden toegekend voor een hernieuwbare periode van drie jaar.
De Commissie mag zich organiseren in werkgroepen. »
Art. 2. De Minister-Voorzitter van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering, bevoegd voor Plaatselijke Besturen, Ruimtelijke Ordening, Monumenten en Landschappen, Stadsvernieuwing en Wetenschappelijk Onderzoek is belast met de uitvoering van dit besluit.
Art. 3. Dit besluit treedt in werking op 1 mei 2000.
Brussel, 25 mei 2000.
Namens de Brusselse Hoofdstedelijke Regering :
De Minister-Voorzitter van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest, bevoegd voor Plaatselijke Besturen, Ruimtelijke Ordening, Monumenten en Landschappen, Stadsvernieuwing en Wetenschappelijk Onderzoek,
J. SIMONET
De Minister van Financiėn,
Begroting, Openbaar Ambt en Externe Betrekkingen,
Mevr. A. NEYTS-UYTTEBROECK


begin (#top) Publicatie : 2009-05-15